banner_fortuna.jpg

De 25 werken die je gezien moet hebben | 16

Fortuna

Anoniem

1585

 

 

De betekenis van deze allegorische vrouwenfiguur kan worden afgeleid uit de hoorn des overvloeds die ze bij zich draagt. Dit attribuut wijst op Fortuna (de Romeinse godin van het lot) of op Liberalitas (de Vrijgevigheid).
 
Allegorische beelden werden vooral gemaakt voor blijde intredes, feestelijke verwelkomingen van een nieuwe heerser in belangrijke steden. Ze vormden een onderdeel van een arsenaal aan versieringen, zoals tableaux vivants, triomfwagens en triomfbogen. Met deze decoraties wenste de stad de vorst het beste maar gaf tegelijk aan wat ze van zijn beleid verwachtte.
 
Dit beeld is lang bewaard op de zolder van het Antwerpse stadhuis. Hoogstwaarschijnlijk is het voor die stad gemaakt. De renaissancestijl wijst naar het eind van de zestiende eeuw. In die bewogen periode ging de Scheldestad opnieuw over van een calvinistisch bestuur naar de katholieke Habsburgse macht. Voor welke intrede dit beeld precies werd gemaakt weten we niet zeker. In de geïllustreerde beschrijving van de intrede van Aartshertog Ernst van Oostenrijk op 14 juni 1594 staat een triomfboog met daarop een voorstelling van Liberalitas die sterk op dit beeld gelijkt. Triomfbogen werden vaak ontworpen door vooraanstaande kunstenaars. In 1594 waren dit Maarten de Vos en Ambrosius Francken.
 

 

___

 

FICHE

 

Titel: Fortuna

Objectnaam: beeld

Vervaardiger: anoniem

Datering: 1585

Materiaal: gepolychromeerd hout

Afmetingen:  140 x 70 x 65 cm

Herkomst: Langdurige bruikleen van het Museum aan de stroom (MAS), Antwerpen (AV.0867.1-2)
 
 

BIBLIOGRAFIE

Johannes Boch, Descriptio publicae gratulationis, spectaculorum et ludorum in adventu sereniss. principis Ernesti, archiducis Austriae... an. 1594, XVIII kal. julias aliisque diebus Antverpiae editorum, cui est praefixa de Belgii principatu a romano in ea provincia imperio ad nostra usq. tempora brevis narratio... cum carmine panegyrico... accessit denique oratio funebris in archiducis Ernesti obitum... omnia a Joanne Bochio... conscripta. Antwerpen: Christoffel Plantin, 1594.

Margit Thøfner, ‘Willingly We Follow a Gentle Leader…’: Joyous Entries into Antwerp’. In: Jeroen Duindam, Sabine Dabringhaus (eds.), The Dynastic Centre and the Provinces: Agents and Interactions. Leiden, 2004: 185-202.

Margit Thøfner, A common art: urban ceremonial in Antwerp and Brussels during and after the Dutch revolt. Zwolle, 2007.

Irmengard Von Roeder-Baumbach en Hans Gerhard Evers, Versieringen bij blijde inkomsten : gebruikt in de Zuidelijke Nederlanden gedurende de 16e en 17e eeuw. Antwerpen, 1943.

 
 
 

___

 

Heb je nog opmerkingen of aanvullingen bij dit stuk? Neem contact met ons op.