hofvanbusleyden_copyrighttourismmechelen.jpg

Drie nieuwe werken

Deze pagina is niet beschikbaar in het Spaans. U kan deze pagina vertalen met Google Translate.

Vanaf 18 december zijn er enkele nieuwe schilderijen te zien in onze vaste opstelling. Het gaat om drie mooie bruiklenen van de Phoebus Foundation. We geven je er graag een woordje uitleg bij.

 
Ambrosius Benson, Portret van Jean Wyts, watergraaf van Vlaanderen, ca. 1520/1530
 
EEN BELANGRIJK HEER
 
In de Bourgondische hofstad Mechelen woonden uiteraard veel hoge hertogelijke ambtenaren. Deze Jean Wyts was een van hen. In 1520 werd hij in Vlaanderen verantwoordelijk voor alles wat met water te maken had, zoals rivieren, polders en dijken. Waarschijnlijk liet hij bij die gelegenheid dit portret maken. Daarop wijzen bijvoorbeeld de officiële staf in zijn hand en het wapenschild aan de muur en op zijn ring. Hij koos een van de meest prominente portretschilders van zijn tijd, de uit Italië afkomstige Ambrosius Benson. Jean Wyts overleed in 1533 en werd begraven in de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen. 
 
 
Anoniem, Een jachtscène in een landschap voor het kasteel van Wijnendale, vroeg 16e eeuw
 
TUSSEN REALITEIT EN FICTIE
 
Dit vroegzestiende-eeuwse, Vlaamse kunstwerk uitsluitend gewijd aan het onderwerp van de jacht, is een van de weinige schilderijen dat we kennen binnen dit genre. Meestal werden beroemde jachten vereeuwigd in wandtapijten, prenten of decoratieve kunst, zoals die van Maximilian ontworpen door Bernard van Orley (circa 1530). 
 
Wat dit werk ook een unieke charme geeft is de combinatie van realiteit en fantasie. Het maakt gebruik van een geïdealiseerd jachttafereel in dienst van een perspectiefoefening. Dit schilderij maakt gebruik van een hoge horizon lijn om zo veel mogelijk verschillende vormen van jacht er in te laten passen. Het lijkt wel een collage van jachttaferelen die zijn weggelopen Middeleeuwse verluchte manuscripten. 
 
 
Joos van Cleve (naar),  H. Hiëronymus, ca. 1550
 

PATROON VAN DE HUMANISTEN
 
Hiëronymus van Stridon (ca. 347-420) vertaalde de Bijbel van het Grieks en het Hebreeuws naar het Latijn. Deze Bijbel ‘van het volk’ (Vulgaat) moest tegelijk nauwkeurig en toegankelijk zijn. Niet verwonderlijk dat de humanisten gek op hem waren. Erasmus maakte een editie in negen delen van de werken van Hiëronymus. Voorstellingen van de heilige waren zo populair dat schilders, zoals Joos van Cleve, er verschillende versies van maakten. Hiëronymus wordt hier niet enkel voorgesteld als geleerde schrijver maar vooral als een asceet, die zich goed bewust is van de vergankelijkheid van het menselijk leven. Daarop wijzen bijvoorbeeld de schedel, de gedoofde kaars, de zandloper en de tekst op de muur: ‘homo bulla [est]’: de mens is een bubbel.